Programma van eisen hoofdrailnet voortaan verplicht 

dinsdag 06 december 2011

 

Een programma van eisen voor het hoofdrailnet is voortaan verplicht, ook bij onderhandse gunning. Minister Schultz van Infrastructuur en Milieu (IenM) heeft dat voorstel overgenomen van Arie Slob, fractievoorzitter van de ChristenUnie in de Tweede Kamer. Dat staat in een memo dat IenM heeft afgestemd met IPO (provincies) en SkVV (stadsregio’s). De verplichting geldt met terugwerkende kracht: sinds 1 januari 2011. Het Locov (reizigersorganisaties) en de Tweede Kamer mogen hun zegje doen over het programma van eisen. Schultz zegt toe de uitgangspunten en de onderwerpen van de nieuwe concessie te delen met de Tweede Kamer, maar de minister heeft het laatste woord. De details en precieze eisen vult zij in ‘tijdens het proces van concessieverlening’.

Het Rijk wil voorts beter overleg met de ov-autoriteiten. De provincies en stadsregio’s hebben ook eisen en wensen voor het hoofdrailnet. Het gaat dan om zeggenschap over bijvoorbeeld frequenties, dienstregelingen en reisinformatie. Verder zien ov-autoriteiten graag dat IenM een krachtiger opdrachtgever wordt (meer controleert en beboet), dat NS vervoercijfers en opbrengsten per lijn openbaar maakt en dat er op het hoofdrailnet ruimte komt voor experimenten.

Het IPO noemt ‘Het Nieuwe Spoorplan’ van de regionale vervoerders ‘inspirerend’. Dat voorstel van Arriva, Connexxion, Syntus en Veolia behelst vijf regionale ov-netten van RegioSprinters én bussen buiten de Randstad: Noord-Nederland, Overijssel Twente, Gelderland, Brabant en Limburg. In een brief aan de vervoerders en IenM meldt het IPO dat ook de provincie Utrecht meer te zeggen wil krijgen over de Sprinters van Randstadspoor.

Net als het IPO vindt het SkVV dat het ministerie Het Nieuwe Spoorplan serieus moet overwegen. “De stadsregio’s gaan er van uit dat de diensten die de afgelopen jaren bij NS zijn ingekocht, worden opgenomen in de nieuwe concessie.”

De Vereniging Openbaar Vervoer Centrumgemeenten is de eerste koepelorganisatie met concrete wensen voor het programma van eisen voor het hoofdrailnet: aparte percelen voor RegioSprinters, de vervoerder(s) moet(en) meebetalen aan de exploitatie van gemeentelijke fietsenstallingen bij stations, lagere tarieven voor kortere afstanden, een bedieningsplicht voor nieuwe stations, actuele reisinformatie op stations en in treinen en de aansluiting van alle 21 centrumsteden (van Alkmaar tot Maastricht) op het nachtnet naar Schiphol.

Volgens Rover mag NS de Intercity’s blijven rijden en kunnen stoptreinen worden aanbesteed, mits reizigers maar één keer hoeven in en uit te checken voor een treinreis met meer vervoerders, zij op samenlooptrajecten bij storingen met hun OV-chipkaart zowel Intercity’s als RegioSprinters kunnen pakken en er een nationale ov-autoriteit komt.

 

 

Een programma van eisen voor het hoofdrailnet is voortaan verplicht, ook bij onderhandse gunning. Minister Schultz van Infrastructuur en Milieu (IenM) heeft dat voorstel overgenomen van Arie Slob, fractievoorzitter van de ChristenUnie in de Tweede Kamer. Dat staat in een memo dat IenM heeft afgestemd met IPO (provincies) en SkVV (stadsregio’s). De verplichting geldt met terugwerkende kracht: sinds 1 januari 2011. Het Locov (reizigersorganisaties) en de Tweede Kamer mogen hun zegje doen over het programma van eisen. Schultz zegt toe de uitgangspunten en de onderwerpen van de nieuwe concessie te delen met de Tweede Kamer, maar de minister heeft het laatste woord. De details en precieze eisen vult zij in ‘tijdens het proces van concessieverlening’.

Het Rijk wil voorts beter overleg met de ov-autoriteiten. De provincies en stadsregio’s hebben ook eisen en wensen voor het hoofdrailnet. Het gaat dan om zeggenschap over bijvoorbeeld frequenties, dienstregelingen en reisinformatie. Verder zien ov-autoriteiten graag dat IenM een krachtiger opdrachtgever wordt (meer controleert en beboet), dat NS vervoercijfers en opbrengsten per lijn openbaar maakt en dat er op het hoofdrailnet ruimte komt voor experimenten.

Het IPO noemt ‘Het Nieuwe Spoorplan’ van de regionale vervoerders ‘inspirerend’. Dat voorstel van Arriva, Connexxion, Syntus en Veolia behelst vijf regionale ov-netten van RegioSprinters én bussen buiten de Randstad: Noord-Nederland, Overijssel Twente, Gelderland, Brabant en Limburg. In een brief aan de vervoerders en IenM meldt het IPO dat ook de provincie Utrecht meer te zeggen wil krijgen over de Sprinters van Randstadspoor.

Net als het IPO vindt het SkVV dat het ministerie Het Nieuwe Spoorplan serieus moet overwegen. “De stadsregio’s gaan er van uit dat de diensten die de afgelopen jaren bij NS zijn ingekocht, worden opgenomen in de nieuwe concessie.”

De Vereniging Openbaar Vervoer Centrumgemeenten is de eerste koepelorganisatie met concrete wensen voor het programma van eisen voor het hoofdrailnet: aparte percelen voor RegioSprinters, de vervoerder(s) moet(en) meebetalen aan de exploitatie van gemeentelijke fietsenstallingen bij stations, lagere tarieven voor kortere afstanden, een bedieningsplicht voor nieuwe stations, actuele reisinformatie op stations en in treinen en de aansluiting van alle 21 centrumsteden (van Alkmaar tot Maastricht) op het nachtnet naar Schiphol.

Volgens Rover mag NS de Intercity’s blijven rijden en kunnen stoptreinen worden aanbesteed, mits reizigers maar één keer hoeven in en uit te checken voor een treinreis met meer vervoerders, zij op samenlooptrajecten bij storingen met hun OV-chipkaart zowel Intercity’s als RegioSprinters kunnen pakken en er een nationale ov-autoriteit komt.

 

 

 

Andere nieuwsberichten