Het moet sneller

De ov-sector staart als een konijn in de koplampen van de zelfrijdende auto. Steeds minder burgers, politici en verkeerskundigen geloven nog in openbaar vervoer als een maatschappelijk te prefereren oplossing voor mobiliteitsproblemen.

De veranderingen aan de randen van de sector (app’s, Flixbus, Uber) buitelen over elkaar heen. Vroeger zeiden ze bij het oerdegelijke NS: een spoorlijn bouw je voor de eeuwigheid plus 100 jaar. Die robuustheid botst met het flexibele en vraagafhankelijke vervoer dat de samenleving nu vraagt. Maar niemand weet waar het heengaat.

Goeroes genoeg. Zo maakt het ov zichzelf volgens Carlo van de Weijer van TomTom en TU Eindhoven overbodig omdat de auto 100 procent schoon en veilig wordt. Gekscherend stelt hij op congressen en in columns voor om alle spoorlijnen maar te asfalteren. Echt weerwoord van de ov-sector krijgt hij tot nu toe niet.

Juist tijden van onzekerheid vragen om visie van de sector. Het tijdperk van in beton gegoten blauwdrukken als Rail 21 is definitief voorbij. Zo mooi als je het bedenkt op de tekentafel wordt het in werkelijkheid toch nooit. En je kunt met goed fatsoen geen cheque van 5 of 10 miljard euro meer verlangen van het Rijk.

De vrije denkers van de Moreelse Tafel hebben het aangedurfd hun visie op papier te zetten. Hun Toekomstbeelden zijn een verzameling scenario’s en stippen op de horizon. Inclusief mantra’s als beter samenwerken, meer draagvlak en scherpere keuzes. Het nieuwe Toekomstbeeld OV van het ministerie, metropoolregio’s, provincies, ProRail en vervoerders borduurt daarop voort: ook met scenario’s en stippen. Eind 2017 moet dat Toekomstbeeld af zijn. Zo gaan kostbare jaren verloren.

Als je door je oogharen naar de Toekomstbeelden van de Moreelse Tafel kijkt, is glashelder wat er ruimtelijk-economisch als eerste moet gebeuren. Stap voor stap de reissnelheid opschroeven:

  • sneller van Amsterdam naar Brussel: de trage Beneluxtrein verdient een trap onder z’n kont
  • sneller van Amsterdam naar Eindhoven (maximaal een uur) en direct door naar Düsseldorf
  • snellere hoofdassen in de rest van de brede Randstad
  • sneller naar de landsdelen (Groningen, Enschede, Venlo, Maastricht, Vlissingen).

Zolang mensen nog massaal auto’s besturen, gaat de maximum snelheid op de snelweg nooit omhoog. Met snelheid kan de trein zich dus de komende kwart tot halve eeuw onderscheiden van de auto.

Het ministerie van IenM heeft de schaalniveaus 1 en 2 van de Moreelse Tafel (betere internationale en binnenlandse verbindingen) nu gedelegeerd aan huisleveranciers NS en ProRail. Dat is een beetje dom. Deze mastodonten hebben al genoeg sores aan hun hoofd en blinken uit in traagheid. We weten nu één ding zeker: in deze concessie 2015-2025 gaat het zeker niet lukken met die zo gewenste snellere verbindingen.

Eén reactie

  1. Pieter van Mourik
    11 februari 2016 om 22:27- Reageren

    Inderdaad, de reizigersnelheid moet omhoog en de reistijden moeten omlaag. Dat geldt natuurlijk in de eerste plaats voor de trein, maar ook voor de hele keten ervoor en erna.
    Het regionale/lokale OV gaat alleen aan halten stoppen door een slimme inbedding in de ruimtelijke structuur en slimme verkeerslichten/negenogen. Energetisch hoeft dit geen probleem te zijn; ZONLICHT genoeg en dus elektriciteit genoeg, waarschijnlijk tegen steeds lagere prijzen.

Laat een reactie achter