Maak Schiphol tot de hub van Amsterdam

De luchtvaart loopt tegen haar grenzen aan. Schiphol groeit uit haar jasje en kijkt inmiddels naar Lelystad om de extra vluchten op te vangen. Maar is dit wel verstandig? Beter investeer je in één sterke hub waarin spoor zorgt voor de korte en middellange afstanden. Schiphol als hét (inter)nationale knooppunt voor Amsterdam.

Lange wachtrijen en Ryanair die chagrijnig uitwijkt naar Duitse luchthavens, omdat Schiphol geen plek meer heeft: het is duidelijk dat luchthaven Schiphol een groeiprobleem heeft. En datzelfde geldt voor het station: zes sporen, een tunnel die om de haverklap storingen geeft en slechts een klassieke spoorverbinding naar Amsterdam. In Trouw maak ik me daarom vandaag samen met Geertje van Hooijdonk, directeur van Natuur & Milieu, sterk voor een investering in een goede spoorhub op Schiphol (lees het stuk hier op Blendle). Hier profiteert de reiziger, Schiphol, Amsterdam en de rest van Nederland van.

Concentreer je op één punt
De reflex van Schiphol is nu nog om vooral vluchten op de korte afstanden te laten uitwijken naar bijvoorbeeld vliegveld Lelystad; iets waar groeiende protesten tegen zijn vanwege de laagvliegroutes over Noord- en Oost-Nederland. Bovendien zijn er zo twee luchthavens zo’n vijftig kilometer uit elkaar wat aansluitingen niet ten goede komt. Beter concentreer je daarom al je verbindingen op één punt. In dat geval kunnen Europese bestemmingen prima per spoor worden aangeboden.

Dat heeft een aantal voordelen. De klimaatvoordelen zijn evident. Een groot deel van de Europese vluchten aanbieden per spoor levert een belangrijke bijdrage aan het Klimaatverdrag van Parijs. Treinreizen is de meest aantrekkelijke en klimaatvriendelijke manier voor veel reizen in Europa. Een flinke impuls van treinreizen is hét antwoord op de uitdaging om verkeer en vervoer te verduurzamen. Nu haken potentiële reizigers nog af bij de complexiteit van het versnipperde Europese spoorsysteem en de hoge prijs. Zonder grenseffecten, zoals complexe boekingen en locomotiefwissels zouden er vandaag de dag 240 miljoen extra (internationale) treinreizen per jaar gemaakt kunnen worden, blijkt uit onderzoek. Zonder een meter spoor extra. De gevolgen zijn niet mals: in 2030 een besparing van 7,5 kolencentrales aan CO2.

Maar het is ook lucratieve business voor Schiphol. Aan prijsvechters voor korteafstandsvluchten verdient de luchthaven nauwelijks iets. Bovendien zijn korte vluchten relatief milieubelastend. Met snelle en voordelige treinen naar Berlijn, Antwerpen, Brussel, Parijs en Frankfurt verleid je passagiers van korte vluchten over te stappen op de trein. Voor de reiziger is de trein naar deze steden comfortabeler dan het vliegtuig met bijbehorend in- en uitcheckcircus. Zo komt er op Schiphol (binnen de bestaande vliegcapaciteit!) ruimte vrij voor intercontinentale vluchten.

11 kilometer van de Dam
Voor Amsterdam en de rest van Nederland betekent het een sterke hub waar internationaal, nationaal en regionaal verkeer bij elkaar komt. De Dam ligt immers slechts 11 kilometer verwijderd van Schiphol; een afstand die prima per metro te overbruggen is. Nu nog gokt de hoofdstad op drie knooppunten: Centraal, Zuid en Schiphol. Rijkelijk veel, als je het mij vraagt. Bovendien zijn Centraal en Schiphol beperkt in hun groei; de stedelijke omgeving stelt nu eenmaal grenzen. Dat probleem hoeft minder te spelen bij Schiphol. Door de overstapfunctie daar te concentreren, heb je alle modaliteiten bij elkaar.

Natuurlijk zijn daar forse investeringen voor nodig: een nieuw station (een die wél ruimte biedt aan in- en uitcheckfaciliteiten voor de Eurostar) en wellicht ook nieuwe tunnels. Nieuw spoor is minder urgent. Om internationale verbindingen met andere hubs te versnellen, zou je kunnen denken aan omleidingen langs steden waar niet per se gestopt hoeft te worden. Dan is vanaf Schiphol zelfs München interessant voor een verbinding per spoor.

Nachttreinen geschrapt
Tot nu toe is de werkelijkheid helaas nog een andere: de spoorsector in Europa gaat niet met haar tijd mee. In Azië schieten de snelle treinen als paddenstoelen uit de grond. In Europa is het andersom: hier worden nachttreinen in rap tempo geschrapt. In plaats van stappen voorwaarts te zetten richting het duurzame alternatief voor het vliegtuig, zetten we steeds meer stappen terug.

Voor de groeiende internationale reisbehoefte moet een volgend kabinet duurzame ruimte creëren op Schiphol. Zorg dus voor flink meer sporen en moderne incheck- en overstapfaciliteiten bij het station. Regel dat je vanaf station Schiphol makkelijk kunt reizen naar alle grote steden in Nederland. En zorg dat het Europese spoor weer populair wordt. Met de behoeften van de reiziger van de 21ste eeuw voorop.

2 reacties

  1. Pepijn
    7 juli 2017 om 15:49- Reageren

    Spreiding is juist goed bij verkeersknooppunten zoals stations en vliegvelden. Je bent bijvoorbeeld niet afhankelijk van één knooppunt. Daarbij: waarom zou je de passagiers van een vakantievlucht naar Griekenland moeten mixen met een lijnvlucht naar New York of Moskou? Nergens voor nodig.

    Die simpele vakantievluchten (heen-en-weer naar de zon) kan je prima via Lelystad laten doen. Dat geeft rust. Het dure Schiphol hier geen toegevoegde waarde. Die passagiers voor Lelystad zitten bovendien niet in dezelfde trein als forensen in Amsterdam.

    Willen de buitenlanders van Flevoland naar de hoofdstad? Je rijdt in 45 minuten van vliegveld Lelystad per weg naar het centrum van Amsterdam. Dat kan een touringcar prima oplossen (zie Eindhoven).

    Je hebt groot gelijk met de metro Schiphol-Amsterdam. Die verbinding is veel fijnmaziger en heft het verkapte monopolie op dat de NS op deze lijn heeft.

  2. Ton Braam
    20 juli 2017 om 14:43- Reageren

    Mee eens. Het is idioot dat van Schiphol nog vluchten vertrekken voor afstanden, korter dan enkele honderden kilometers, afstanden waarbij de trein sneller is

Laat een reactie achter