Suriname kijkt half naar Nederlands ov

Suriname kijkt half naar Nederlands ov

door Mark Sloothaak in rubriek buitenland
Reacties uitgeschakeld voor Suriname kijkt half naar Nederlands ov

Het is een georganiseerde chaos. Zo luidde grofweg de conclusie van zijn masterscriptie Planologie in 2009 over het openbaar vervoer in Suriname. Acht jaar later is Mark Sloothaak terug in Paramaribo, waar het ov een afspiegeling lijkt van het alledaagse leven.

Eind april ben ik mijn sabbatical begonnen in San Francisco om vervolgens een maand later te arriveren in Suriname. Het contrast tussen San Francisco, het mekka van innovatie op het gebied van vervoer – denk aan Uber, Tesla – en Paramaribo kan bijna niet groter. Waar San Francisco het openbaar vervoer opnieuw probeert uit te vinden met deelautoconcepten als UberPool en LyftLine, maakt Paramaribo zich sterk voor een ‘fatsoenlijk’ ov-systeem, met Nederland min of meer als voorbeeld.

Interessant is te zien wat voor ontwikkeling het (openbaar) vervoer hier heeft doorgemaakt de afgelopen jaren. Mijn eerste voorzichtige conclusie toen ik aankwam was dat naast het feit dat het verkeer veel drukker is geworden in de stad, de ontwikkeling van het openbaar vervoer heeft stilgestaan. De economische crisis van afgelopen jaren, met daarbij het uitblijven van investeringen, is hier zeker debet aan.

Twee busbedrijven
In Suriname bestaan twee verschillende ov-systemen. Enerzijds is er het Nationaal Vervoer Bedrijf (NVB), anderzijds de Particuliere Lijnbus Organisatie (PLO). Niet alleen het NVB wordt (flink) gesubsidieerd, ook de PLO krijgt steun, in de vorm van een brandstofkorting. De overheid bepaalt de tarieven voor de reizigers. Die zijn laag, net als het comfort en de service. Het betaalsysteem is eenvoudig. Kaartjes koop je cash bij de chauffeur. Abonnementen bestaan niet in Suriname. Het tarief voor de NVB-bussen is afhankelijk van de bestemming. Binnen Paramaribo kost een rit 0,85 SRD, omgerekend € 0,10. Voor de stadsroutes van de PLO is het tarief onlangs verhoogd, met name door de gestegen benzineprijs, van SRD 1,25 (€ 0,14) naar 1,75 (€ 0,20).

Een echte dienstregeling zoals we die in Nederland kennen en aantreffen bij bushaltes, is er niet. Met de almaar toenemende verkeersdrukte in Paramaribo is het zo goed als onmogelijk om volgens dienstregeling te rijden. Bijna alle bussen stoppen en vertrekken op een aantal busstations in het centrum. NVB-bussen rijden kort gezegd waar de PLO-bussen niet rijden, met name op de verbindingen buiten Paramaribo. Sommige busreizen richting het binnenland duren 3 tot 4 uur met uitschieters tot 8 à 12 uur, vooral tijdens het regenseizoen.

Kenmerkend voor de ov-routes in Paramaribo is dat alle verbindingen vertrekken vanuit het centrum naar buiten. Er zijn geen tangentiële verbindingen, wat inhoudt dat elke reiziger eerst een bus naar het centrum moet nemen om van daaruit te kunnen doorreizen. Een plan van het NVB om dichtbevolkte wijken in het district Wanica direct met elkaar te verbinden, wacht nog op uitvoering.

NVB
Het NVB valt onder het ministerie van Openbare Werken, Transport en Communicatie en ontvangt subsidie om de busdiensten te exploiteren. De bussen rijden op min of meer vaste tijden conform een dienstregeling. Het dagelijks aantal ritten is afhankelijk van de verkeersdrukte. Ook zijn er vaste haltes. Maar in de praktijk stopt de bus ook op plekken waar de reiziger wil in- of uitstappen.

Het NVB heeft zelf geen bussen of chauffeurs. De vervoerder besteedt de routes uit aan kleine zelfstandige ondernemers: bushouders. Zij hebben eigen bussen met een capaciteit van ongeveer 30 personen, en eigen personeel. In sommige gevallen zijn ze zelf de chauffeur. Het NVB en het ministerie stellen de ov-routes vast. In overleg met de bewoners, bushouders en het NVB komt de dienstregeling tot stand. Vervolgens stellen het NVB en de bushouder een vervoerovereenkomst op. Hierin staan afspraken over het aantal ritten per dag, het traject, de dagen in de week en de eisen waaraan de bussen moeten voldoen, zoals een APK-keuring.

PLO
De minister van Openbare Werken, Transport en Communicatie geeft vergunningen uit voor de trajecten van de PLO en subsidieert ook een deel van de brandstofkosten van de PLO-bussen. De bussen rijden op vaste routes, op min of meer vaste tijdstippen en vertrekken wanneer ze vol zitten. Hoewel er in Paramaribo vaste haltes zijn, kunnen reizigers vaak overal in- en uitstappen op de route.

Een probleem is dat de bussen vol vertrekken en daarom op de eerste kilometers van de route niet kunnen stoppen. Ook gebeurt het met regelmaat dat de chauffeur een andere route kiest om de verkeersdrukte te ontwijken. Hierdoor wachten reizigers in de spits vaak vergeefs op hun bus.

De laatste jaren zijn er zo veel vergunningen uitgegeven aan nieuwe bushouders dat er nu te veel bussen zijn. Daardoor kan een chauffeur hoogstens een of twee ritten per dag maken, met als gevolg een groot aantal wachtende bussen in de binnenstad.

Toekomst ov
De Surinaamse overheid trekt de laatste tijd steeds actiever op met het NVB en de bushouders om het ov te structureren en te professionaliseren. Momenteel verkent de overheid het opzetten van een vervoersautoriteit in Suriname en het aanbesteden van ov-concessies naar Nederlands voorbeeld. Bij het aanpassen van het betaalsysteem kijkt Suriname met een schuin oog naar de Nederlandse OV-chipkaart.

Ten slotte is het verbeteren van de reisinformatie een belangrijk aspect. Basiselementen als een routekaart, lijnnummers op bussen en vertrektijden op haltes ontbreken nog.

Gezien de uitdagingen en de kansen die hier liggen ben ik naar het NVB gestapt met het aanbod om de Nederlandse expertise hier in Suriname in te zetten. Samen met het NVB en stichting OpenGeo zijn we nu bezig met het opzetten van een Nationale Databank Openbaar Vervoer voor Suriname waarin elementaire zaken als routes, vertrektijden, tarieven en haltelocaties beschikbaar komen. Met deze basis komt de droom van een Surinaamse ov-reisplanner een stuk dichterbij.

Klapstoeltjes
Tip voor de toerist die de bus neemt in Paramaribo: probeer achter in de bus plaats te nemen. Anders moet je bij elke stop de bus uit om passagiers te laten uitstappen. Neem dus vooral geen klapstoeltje voorin!

Mark Sloothaak is senior adviseur Verkeersmanagement bij de gemeente Amsterdam.

Reageren op dit artikel is niet mogelijk.

Lees ook