‘Noord-Brabant is ov-sector dankbaar’

‘Noord-Brabant is ov-sector dankbaar’

We vragen mobiliteitsprofessionals hoe zij de afgelopen weken tijdens de coronacisis hebben beleefd. Dit keer: Christophe van der Maat, gedeputeerde van de provincie Noord-Brabant.

Christophe van der Maat, gedeputeerde Mobiliteit van de provincie Noord-Brabant

“Het was voor ons als provincie begin maart al duidelijk dat de corona-uitbraak nogal wat betekent voor het openbaar vervoer in Noord-Brabant, voor onze concessiehouders Arriva en Hermes en voor het ov-personeel. Aan de ene kant moeten chauffeurs en reizigers zo goed mogelijk worden beschermd tegen het virus, aan de andere kant is het van groot maatschappelijk belang dat het ov blijft rijden. Essentiële plekken als ziekenhuizen, bedrijven en supermarkten moeten voor iedereen in het zwaar getroffen Brabant bereikbaar blijven.”

“In de tweede week van maart volgden steeds verdergaande maatregelen. Thuiswerken als het kan wordt dan landelijk ingevoerd, de anderhalvemetersamenleving een begrip en de scholen sluiten. Het maatschappelijke leven valt grotendeels stil; financieel een zware klap voor de ov-bedrijven die deels afhankelijk zijn van inkomsten uit kaart- en abonnementenverkoop. De vraag is dan ook ‘Hoe nu verder?’.”

Flexibel omgaan met dru’s

“In de snel door mij aangemaakte provinciale WhatsApp-groep ‘ov en corona’ – waarin alle betrokken ambtenaren zitten – vliegen berichtjes op en neer. Over een ding zijn we het vlot  unaniem eens: de subsidiebevoorschotting blijven we gewoon uitbetalen, ook al worden niet alle dienstregelingsuren (dru’s) gereden. We spreken met Arriva en Hermes af dat achteraf in redelijkheid verrekend zal worden, dat is ook de landelijke lijn.”

“In de dagen en weken die volgen zijn er op alle niveaus contacten, onder andere over een aangepaste dienstregeling. Die komt er, maar niet voordat we een dubbelcheck hebben gedaan om er zeker van te zijn dat essentiële plekken inderdaad bereikbaar blijven. Door het aantal ritten te beperken wordt geen ‘lucht’ rondgereden. Daarnaast is het waarschijnlijker dat, mochten steeds meer chauffeurs ziek worden, een ‘basis-ov’ overeind kan blijven.”

“Het gaat ook over het flexibel inzetten van dru’s, die nu niet meer worden gereden. Mogelijk kunnen Arriva en Hermes inspringen op plekken waar bijvoorbeeld de buurtbusverenigingen zijn gestopt met rijden. Dat hebben die verenigingen begrijpelijkerwijs gedaan, omdat veel van hun ruwweg 2000 vrijwilligers in een risicocategorie vallen. Uiteindelijk wordt met de regiotaxiorganisaties, die ook het doelgroepenvervoer rijden, geregeld dat reizigers die eerst een buurtbus konden pakken nu tegen ov-tarief met de regiotaxi mogen.”

Veiligheid voorop

“Een veel terugkerend onderwerp is de veiligheid van het personeel. Chauffeurs in risicogroepen blijven thuis, passagiers moeten achterin instappen en reizigers moeten vooraf een kaartje regelen of chippen. Dat al deze maatregelen geen sinecure zijn, blijkt wel uit een telefoongesprek dat ik begin april heb met de regiodirecteur van Arriva.”

“Ik bel om te condoleren: een van hun chauffeurs is overleden aan corona, een aangrijpend en heftig verhaal. In de dagen erna word ik des te kwader over nieuwe berichten over idioten die chauffeurs in hun gezicht hoesten. De chauffeurs vervullen een vitale functie, we moeten hen juist dankbaar zijn!”

“Daarom was ik blij toen vanaf 18 april de medewerkers van de ov-sector een paar dagen werden bedankt met een groot hart op de toren van het provinciehuis van Noord-Brabant.”

Nadenken

“De komende weken en maanden is het afwachten hoe het verdergaat, dat is vooral afhankelijk van in welk tempo en hoe het kabinet de maatregelen versoepelt. Het ov moet nu, net als alle andere sectoren, goed nadenken over hoe veilig te functioneren in de anderhalvemetersamenleving. Want een ding is zeker als we de samenleving langzaam weer op gang brengen: gezondheid is en blijft het allerbelangrijkste.”

Laat een reactie achter

Lees ook