Ingezonden: radicaal andere keuzes nodig

Ingezonden: radicaal andere keuzes nodig

Als we de verkiezingsprogramma’s mogen geloven dan staan wonen en verkeer hoog op de agenda in de nieuwe regeerperiode. Wat we niet lezen is wat daarvoor nodig is: het radicaal anders inrichten en ontwikkelen van onze steden en dorpen.

Een nieuwe regering die kiest voor een leefbare woon- en werkomgeving kiest er voor om de mens centraal te stellen en geeft voorrang aan duurzame, actieve en gezonde mobiliteit. Dat schrijven Freek Bos (Rover), Marjolein Demmers (Natuur en Milieu), Ankie van Dijk (Wandelnet), Esther van Garderen (Fietsersbond), Donald Pols (Milieudefensie), Michael Rutgers (Longfonds) en Janneke Zomervrucht (MENSenSTRAAT) in een gezamenlijke brief.

Begin níet met autostraten en -parkeerplaatsen, maar met veilige en toegankelijke fiets- en looproutes die aansluiten op het ov-netwerk

Integrale benadering

De komende jaren worden miljarden geïnvesteerd in woningbouw. Een grote bouwalliantie presenteerde half februari een ‘actieagenda’ om in de komende tien jaar één  miljoen woningen bij te bouwen. Daarmee ondergaan onze steden een grote verandering. Hóe we die opgave aanpakken, heeft grote impact op verkeer en bereikbaarheid.

Als een nieuw kabinet de woningbouwopgave integraal benadert, is het mogelijk de bereikbaarheid van voorzieningen te vergroten zonder onnodige groei van verkeer en infrastructuur. Met een goed ruimtelijk ontwerp en slimme locatiekeuzes leggen we de basis voor de leefbare en gezonde stad, wijk en dorp van de toekomst.

Ongezonder

De inrichting van straten en pleinen heeft enorme invloed op hoe we ons verplaatsen in die ‘nieuwe’ steden, maar ook op de samenleving. Als we doorgaan op de bekende weg en de auto nog steeds laten bepalen hoe de publieke ruimte wordt ingericht, dan weten we zeker dat onze steden ongezonder, onprettiger en onveiliger worden voor iedereen die daar woont, werkt en recreëert. Een nieuw kabinet dat de leefbaarheid van steden serieus neemt, forceert de benodigde trendbreuk door anders om te gaan met Rijksmiddelen voor het verstedelijkings- en mobiliteitsbeleid.

Groener en gezonder

De coronacrisis heeft veel mensen laten ervaren hoe fijn en belangrijk het is om actief te kunnen bewegen in de buitenruimte en dat we best met minder verkeer uit kunnen. Er waren plotseling minder auto’s en de lucht was schoner. Wandelen en fietsen zijn populairder dan ooit, zeker nu we door de lockdown nauwelijks meer georganiseerd kunnen sporten.

Echter, in veel woonwijken is het nu nog onaantrekkelijk om de straat op te gaan doordat auto’s overheersen. De publieke ruimte moet wat ons betreft anders worden ingericht. Het moet groener en gezonder. En dat betekent meer ruimte voor de wandelaar, de fietser en het openbaar vervoer. Dat kan ook, mits er in de komende regeerperiode een aantal radicaal andere keuzes worden gemaakt.

Sturing

Allereerst is het van groot belang dat de nieuwe coalitie bij het sturen op het benodigde aantal woningen, regionale mobiliteit en bereikbaarheid scherp op het netvlies heeft. Woningbouw en infrastructuur zijn nu nog te veel losstaande besluitvormingstrajecten. Uitgangspunt moet zijn dat burgers alle basisvoorzieningen binnen vijftien minuten te voet, met de fiets of met het ov kunnen bereiken voor een redelijke prijs. Zo wordt de leefomgeving niet alleen gezonder, maar ook toegankelijker en socialer voor iedereen. Dat is échte duurzame bereikbaarheid.

Ontwerp eerst fiets- en looproutes

Een tweede belangrijke keuze is het omkeren van de volgorde bij het ontwerpen van nieuwe woonwijken: begin met veilige en toegankelijke fiets- en looproutes, die door meer groen en goede luchtkwaliteit bovendien prettig zijn, afwisseling bieden en logisch aansluiten op het ov-netwerk. Begin níet met autostraten en -parkeerplaatsen.

Dat lijkt logisch en gelukkig zien we steeds vaker voorbeelden waarin dit principe wordt gehanteerd. Toch zet deze verandering alleen door als ze wordt ondersteund met investeringen vanuit het ov. Een nieuwe minister van Ruimtelijke Ordening zou daarom bij woningbouwafspraken kunnen kiezen voor lagere parkeernormen voor auto’s, verbetering van fietsroutes en subsidiëren op het autoluw inrichten van wijken, met mobiliteitshubs aan de rand van de wijk.

Laten we kiezen voor steden met groene vitale binnensteden en bereikbare wijken en dorpen, waar lopen en fietsen voorop staan. Steden, wijken en dorpen met een goede ov-bereikbaarheid en voorzieningen, met nabijheid van wonen en werken, met schone lucht en met meer groen binnen de stad en daaromheen.

Freek Bos, directeur Rover
Marjolein Demmers, directeur Natuur en Milieu
Ankie van Dijk, directeur Wandelnet
Esther van Garderen, directeur Fietsersbond
Donald Pols, directeur Milieudefensie
Michael Rutgers, directeur Longfonds
Janneke Zomervrucht, algemeen secretaris MENSenSTRAAT

3 reacties

  1. Marinus Reips
    23 maart 2021 om 15:53- Reageren

    In tegenstelling tot wat iedereen gelooft neemt het autobezit in Nederland sterk toe (kijk maar op CBS.NL). Nu al leiden lagere parkeernormen tot fikse ruzies in stedelijke woonwijken. Je kan uittellen wat er gaat gebeuren: massale verhuizingen naar plattelandsgemeenten waar het parkeren gratis is en de snelweg vlakbij. Dit zal leiden tot precies het tegenovergestelde van wat de initiatiefnemer willen: versnippering, volbouwen van het platteland, grote shopping malls bij snelwegen, enz. Dom!

  2. Rian van der Borgt
    26 maart 2021 om 19:19- Reageren

    @MARINUS REIPS: toegenomen autobezit heeft ook oorzaken. Daarom lijkt me het beter inrichten van de woonomgeving voor in de eerste plaats wandelaars, fietsers en OV een goed idee. En als je dat doet, dan is er minder autoverkeer nodig en kan tegelijk de parkeernorm omlaag. Maar i.p.v. alleen maar “nee” te zeggen, kun je beter met een alternatief idee komen dat volgens jou beter is en dat tegelijk het autoverkeer in de woonomgeving terugdringt.
    Vooralsnog is er bij mijn weten overigens geen sprake van een trek naar het platteland, in tegendeel: in sommige regio’s krimpt de bevolking al jaren.

  3. Ing. ACF Sierts
    29 maart 2021 om 18:01- Reageren

    Nou, dat was weer een klassiek stukje RO-beleids-ideologie 🙂
    Hardstikke tov & duurzaam & fiets-idealistisch (oftewel: hoog GroenLinks/D66-beleidsideologie-gehalte), maar het geeft nul inhoudelijk antwoord op de vraag hoe we de mensen werkelijk serieus uit de auto en het vliegtuig krijgen.

    “Ga toch fietsen” is prachtige grachtengordel-ideologie die ik van harte ondersteun, maar het doet NIETS op bovenstedelijk, landsdelig en internationaal niveau. Daar is snelbus en vooral spoor cruciaal. En dan lees ik alleen maar over OF veel te dure aanbodsgedreven plannen, OF nietszeggend beleidsgewauwel voor 2040.

Laat een reactie achter

Lees ook