Gratis stallen is goed genoeg

Gratis stallen is goed genoeg

door in rubriek fiets
Reacties uitgeschakeld voor Gratis stallen is goed genoeg

Nieuwe onbewaakte stationsstallingen voor fietsen, zoals bij Rotterdam Centraal, lijken steeds meer op parkeergarages voor auto’s: meer comfort en gemak. Daarmee prijst de betaalde stationsstalling zich langzaam uit de markt.

Wordt er een centraal station verbouwd, dan verhuist de NS-stalling tijdelijk van de fietsenkelder naar een col van derde categorie. Zo moest je in Arnhem en Rotterdam jarenlang je fiets een heuvel opslepen en vervolgens een eind omlopen naar het station. Zodat je die dag niet alleen je fietstochtje had, maar ook een klimmetje en een ommetje.

Inmiddels is de steile hellingbaan naar de tijdelijke stalling in het Rotterdamse Groothandelsgebouw verleden tijd. Het nieuwe Rotterdam Centraal is een mooi, ruim station met ook een mooie en ruime fietsenstalling. Die meet 5000 vierkante meter voor 5190 fietsen, waarvan 1500 bewaakte plekken. Via een glazen entreegebouwtje op het voorplein van Station Kapsalon, de Haaienbek of de Grote Muil – zoals de bijnamen van de Rotterdammers luiden – kun je met vier rolbanen en één vaste trap (met fietsgoten erlangs) naar beneden. Bij een vaste hellingbaan had je kunnen doorfietsen, maar zo’n bewegende rolbaan dwingt je tot afstappen. “Iedereen afstappen,” gebiedt een bordje voor de zekerheid. Het is een van de vele ge- en verbodsbordjes.

Rode strook
Op een beeldscherm kun je lezen hoeveel onbewaakte plekken er nog vrij zijn. Het scherm biedt ook ruimte voor het aantal vrije bewaakte plekken: daar is het scherm leeg. Kennelijk ziet NS geen noodzaak dat aantal te vermelden. Er is altijd plek zat.

Beneden aangekomen kun je rechtdoor de bewaakte stalling van NS Fietsenstalling inlopen. Of weer op je fiets springen en over een rode strook – net een fietspad – een stukje terugrijden naar de onbewaakte stalling van de gemeente. Beide stallingen liggen in dezelfde ruimte (14 gangen voor meestal 366 fietsen), gescheiden door een glazen wand.

De stalling is ontworpen door architect Maarten Struijs. De kleuren sluiten aan op die van het nieuwe metrostation Rotterdam Centraal, waarvan de hal naast de stalling ligt. Het plafond, de kolommen en de wanden zijn parelwit. De vloeren van de gangen met de fietsenrekken zijn paars, blauw, groen, geel of oranje. Elke gang heeft ook een nummer. Elke fietsplek heeft ook een eigen nummer. En de handvatten van de fietsenrekken hebben per groepje dezelfde kleuren als de gangvloeren. Zo krijg je vier aangrijpingspunten om te onthouden waar je je fiets hebt gestald: gangnummer, gangkleur, pleknummer en beugelkleur.

Waarschuwingssticker
De meesten stallers fietsen met een stevig tempo door totdat ze een plek hebben gevonden. Elke seconde telt. Zodra je je fiets parkeert, drukt het achterwiel een klepje omhoog. Dat is de sensor voor het aantal vrije plekken. Aan het begin van elke gang zie je op een schermpje hoeveel plekken daar vrij zijn. Spiegels geven goed zicht op het fietsverkeer. Je kunt het fietsen in de stalling wel verbieden, maar dat helpt toch niet bij iemand die een trein wil halen. “Fietsers, let op voetgangers”, meldt een bordje. Na de maximale stallingsduur van 28 dagen wordt je fiets afgevoerd. Zo slibt de stalling niet dicht. Op enkele fietsen zit een waarschuwingssticker. Je verwijderde fiets terugkrijgen kost 20 euro. Voor je fout geparkeerde fiets betaal je 50 euro.

Bijzondere fietsen mogen in een apart vak met zwart-witte stroken. Bordje: “Let op: bijzondere fietsen zijn fietsen die niet in de rekken passen. Andere fietsen worden verwijderd.” Het vak is nu al te klein. Er staan veel fietsen met kratjes voorop. En één bakfiets.

Dit onbewaakte gemeentelijke deel is voor ruim twee derde bezet. De bewaakte NS-stalling voor de helft. Daar staan iets duurdere en nieuwere fietsen. De meerwaarde van de NS-stalling is beperkt; hij is dus bewaakt en ligt iets dichter bij de trein. Heel veel scheelt dat niet: 25 meter lopen. Een dagje stallen kost 1,25 euro. NS Fietsenstalling noemt dat voordelig. In relatie tot de waarde van een fiets van een paar honderd euro is dat niet bepaald goedkoop. Een jaarabonnement kost 103 euro. Vijf jaar je fiets gratis stallen in plaats van betaald en je hebt voldoende geld uitgespaard om een nieuwe fiets te kunnen kopen.

Volgens de huisregels van de gemeente geldt er een rookverbod in de stalling. Dat is mooi, want in de oude stationsstalling mocht je als klant vaak meegenieten van de sigaar van de baas en sigaretten van de medewerkers. En dat terwijl er in het openbaar vervoer en op werkplekken al jaren niet mag worden gerookt. Er staat nog wel een asbak op tafel in het glazen huisje van de medewerkers.

Nog één wens tot slot: graag een plekje van een paar vierkante meter om een lekke band te kunnen plakken, dus met een fietspomp en een waterkraan.

Marc Maartens

Over Marc

Marc Maartens is adviseur-publicist op het vlak van verkeer en vervoer. Hij geeft adviezen, leidt bijeenkomsten, verzorgt colleges, draait mee in projecten en schrijft vakartikelen.

Reageren op dit artikel is niet mogelijk.

Lees ook