Trolleynet Arnhem moet auto’s opladen
dossier Innovatie

Trolleynet Arnhem moet auto’s opladen

door in rubriek trolley
Reacties uitgeschakeld voor Trolleynet Arnhem moet auto’s opladen

Connexxion en de gemeente Arnhem zijn bezig met de ontwikkeling van een smart grid in het trolleynet. Met overtollige spanning in de bovenleiding zouden elektrische auto’s kunnen worden opgeladen.

De ontwikkeling van het smart grid moet de doorslaggevende factor zijn om de Interreg-subsidie voor het Trolley 2.0-plan binnen te halen. Met de ontwikkeling van het smart grid voldoet het plan aan het ontwikkelen van werkgelegenheid – lokale bedrijven nemen deel – en aan de eis voor innovatie. Het gaat om een bedrag van tussen de 5 en 10 miljoen euro.

Volgens Hans Aldenkamp, projectmanager infrastructuur en bovenleiding bij Connexxion, staan er zo’n 4000 bovenleidingpalen in de stad Arnhem voor het trolleynet. “Op een gegeven moment ga je nadenken”, zegt Aldenkamp, “Er komen steeds meer elektrische auto’s, maar het plaatsen van oplaadpalen is duur, vooral midden in de stad.”

“De remenergie van trolley’s wordt nu teruggeleverd aan de bovenleiding. Normaal neemt de volgende bus dan die energie op, zodat we minder stroom hoeven in te kopen. Maar nu bussen steeds meer zonder bovenleiding rijden, kijken we ook naar andere doelen.” Dat heeft nu geresulteerd in een subsidieaanvraag voor een tweetal laadpalen. Via die palen kunnen elektrische auto’s in de stad worden opgeladen.

Ook een heel netwerk dat ‘s nachts gebruikt kan worden, behoort tot de mogelijkheden. Aldenkamp: “De laatste trolley rijdt om 1.00 uur de garage binnen en rond 7.00 uur vertrekt de eerste weer. In de tussentijd kunnen elektrische auto’s worden opgeladen. Meer dan overdag, want anders komen onze trolleybussen misschien stil te staan.”

Als de subsidieaanvraag akkoord is, moeten eind 2016, begin 2017 de eerste laadpalen met het trolleynet verbonden zijn. Aan het project nemen onder meer de universiteit van Wuppertal, de Hogeschool Arnhem Nijmegen en Vossloh Kiepe deel.

Reageren op dit artikel is niet mogelijk.

Lees ook