Dubbeldekkers: hoog comfort in het ov

Dubbeldekkers: hoog comfort in het ov

Een novum in het Nederlandse ov: dubbeldekkers. Zowel Qbuzz als Connexxion zet ze vanaf december in. De een tussen Emmen en Groningen, de ander tussen Haarlem en Amsterdam. Waar komt die trend opeens vandaan? 

De dubbeldekkers van Qbuzz worden gebouwd bij Van Hool in het Belgische dorpje Koningshooikt. De fabriek neemt zowat de helft van het dorpsoppervlak in beslag. In totaal werken er 3600 mensen bij het familiebedrijf, dat 70 jaar geleden werd opgericht door Bernard van Hool. De aandelen zijn inmiddels in handen van zijn vijf zoons of nakomelingen van hen. De Van Hools die bij het bedrijf werken, worden consequent aangeduid met mevrouw en meneer.

Naast de vestiging in België heeft Van Hool sinds enkele jaren een fabriek in Skopje, Macedonië, waar het ‘instapmodel’ van Van Hool wordt geproduceerd, de EX. Koningshooikt doet het specialistische werk. De productie is ongeveer 50-50. Skopje produceerde afgelopen jaar één bus meer, maar dat verschil zal wel toenemen, verwacht Van Hool.

De dubbeldekkers voor Qbuzz zijn een typisch voorbeeld van het specialistische werk. De Belgische bussenbouwer levert voor het eerst een complete touringcar als ov-bus. Het voertuig, een TDX27 Astromega, ondergaat verschillende aanpassingen: de bestuurder krijgt meer ruimte, de bagageruimte en watertanks onderin verdwijnen, evenals het keukentje, ten behoeve van meer ruimte onderin voor onder meer rolstoelen en staplaatsen. De achterdeur wordt extra breed. Dat kost een paar zitplaatsen, waardoor het totaal uitkomt op 85.

 

Een dubbeldekker voor Qbuzz in aanbouw.

Qliner 300 Emmen–Groningen
Waarom eigenlijk dubbeldekkers? Astrid Veldhuizen, concessiedirecteur van Qbuzz: “We hebben te maken met een enorme passagiersgroei. Capaciteit en duurzaamheid zijn een uitgangspunt. En we wilden ook wel iets nieuws proberen. Een gelede bus is prima voor in de stad, maar die wil je niet inzetten op een hoogwaardige route over een langere afstand, zoals tussen Emmen en Groningen.”

Het was dus een kwestie van of de frequentie nog meer opvoeren, of de hoogte in. Het wordt het laatste. De bussen krijgen de twee tonen blauw die de overige Qliners ook al hebben. Het OV-bureau Groningen Drenthe zorgde, net als bij diverse andere voertuigen, voor een overnameregeling in het geval van een nieuwe vervoerder eind 2019. Veldhuizen: “Anders hadden we dit ook niet kunnen doen.”

De vijf bussen gaan rijden als Qliner 300 tussen Emmen en Groningen. De bus stopt op slechts drie haltes in Emmen en verlaat autoweg N34 en snelweg A28 alleen om te stoppen bij de afritten naar Borger, Gieten en Zuidlaren. Het is een snelle, gestrekte route waarbij comfort hoog in het vaandel staat. De staplaatsen zorgen er wel voor dat de bus maximaal 80 kilometer per uur mag.

Qbuzz kwam bij Van Hool uit omdat de Belgen op tijd konden leveren en het feit dat zij, dankzij leveringen aan Flixbus, al gewend waren om ov-achtige eigenschappen in te bouwen. Zo is de digitale lijnfilm al geïntegreerd in de bus. Ook de brede achterdeur was een pluspunt, die versnelt het in- en uitstappen. “Geen enkele andere fabrikant kon dat leveren”, aldus Veldhuizen.

Het ‘samenstelkaliber’ bij Van Hool

De bussen worden in Koningshooikt nog op traditionele manier in elkaar gezet. De fabriek maakt bijna alles zelf, tot aan de stoelen toe bij sommige modellen. In een zogenaamd samenstelkaliber zet Van Hool alle onderdelen van de carrosserie tegen elkaar aan op het chassis. Vervolgens wordt de binnenkant afgemonteerd. Vervolgens wordt het interieur door de deur- en raamopeningen als het ware naar binnen gewurmd.

Weinig uren
De manier van bouwen is een wereld van verschil met wat er 80 kilometer verderop gebeurt bij VDL in Valkenswaard. Daar worden de bussen van Connexxion voor de concessie Amstelland-Meerlanden (AML) gebouwd. De order is een stuk groter, 18 stuks tegenover slechts vijf voor Qbuzz. Dat verklaart ook waarom VDL al een stuk verder is. Wat ook visueel scheelt: de bus wordt als een soort bouwpakket in elkaar gezet. De haast prefab-panelen komen van elders, vaak van zusterbedrijven binnen het VDL-concern. Het dak en de voorzijde worden pas gemonteerd als het binnenwerk vrijwel gereed is. “Alles om maar zo weinig mogelijk uren te hoeven maken, want die zijn relatief duur”, legt Jan van Meijl van VDL uit.

De bussen voor AML zijn van het type Futura FDD2-141. Groter heeft VDL ze niet. De touringcarbouwers van VDL zijn er maar wat trots op dat ze ze nu ook voor de ov-markt kunnen leveren. Er zijn echter wel veel aanpassingen nodig: bedrading, systemen voor onder meer reisinformatie en de OV-chipkaart, aangepaste stoelindeling en podesten.

Usb-aansluitingen zitten standaard op elke plek, sommige zitplaatsen hebben ook 230V.

Zitplaatsindicator
De Connexxion-bussen geven al een indruk van het comfortniveau (die overigens gelijkwaardig is met de Qbuzz-voertuigen): luxe stoelen, overal usb-aansluitingen en op sommige plekken ook 230V-stopcontacten. Een tafeltje ontbreekt. Van Meijl: “We zien dat de meeste busreizigers met een tablet op schoot werken. Voor een laptop zijn de tafeltjes die wij in bussen kunnen inbouwen te klein.” Het ontbreken van een brede achterdeur hoopt Connexxion goed te maken met een zitplaatsindicator. Wanneer de bus bij de halte aankomt, springt aan de zijkant van de bus automatisch een scherm aan dat laat zien waar er nog vrije zitplaatsen zijn.

Ook voor Connexxion was capaciteit de doorslaggevende factor om voor dubbeldekkers te kiezen, in combinatie met comfort. Lijn 346 tussen Haarlem en Amsterdam Zuid rijdt grotendeels over de snelweg met 100 kilometer per uur, dus staplaatsen zijn taboe. “Met gelede bussen kunnen we niet voldoende zitplaatsen bieden. En de infra kan eigenlijk niet meer bussen aan. Daarom gaan we de hoogte in”, legt Eric Bavelaar van Connexxion uit.

Die extra hoogte heeft een nadeel. Een van de laatste haltes ligt bij het VU Medisch Centrum in Amsterdam. Om daar te komen moet de bus onder een loopbrug door tussen twee gebouwen. Maximaal toegestane doorrijhoogte: 3,90 meter, 10 centimeter minder dan de hoogte van de bus. Bovendien hangt de bovenleiding van de tram er ook nog onder. Connexxion heeft ontheffing gekregen om onder de loopbrug door te mogen. “We hebben het op een nacht uitgeprobeerd met de spanning van de bovenleiding eraf. Het kan net”, zegt Bavelaar. Maar krap is het wel. Want wat als de bovenleiding wat slapper komt te hangen? Connexxion, GVB, de gemeente en de provincie zoeken nog naar een oplossing. Bavelaar: “We gaan natuurlijk geen risico’s nemen, maar willen wel absoluut halteren bij het Medisch Centrum.”

Bovenkant markt
In december zullen de dubbeldekkers in Noord-Holland en Groningen-Drenthe hun eerste ritten maken met reizigers. Dan zullen beide vervoerders ervaren of de bussen bevallen. Qbuzz kan de bussen eind 2019 overdoen aan een eventuele volgende vervoerder. Connexxion staat echter aan het begin van de concessie. “Mochten ze voor het ov minder geschikt zijn, dan kunnen we ze zo ombouwen om verder dienst te doen bij Connexxion Tours bijvoorbeeld”, aldus Bavelaar.

Zowel Veldhuizen als Bavelaar heeft hoge verwachtingen van de bussen. Bavelaar: “Aan de bovenkant van de markt is er ruimte voor dit soort oplossingen: weinig haltes en een hoog comfort. Aan de onderkant van de markt krijgen we flexachtige systemen.” Veldhuizen: “Met deze bussen kunnen we de concurrentie met de auto aan.”

Qbuzz Connexxion
aantal 5 18
type Van Hool TDX27 Astromega VDL Futura FDD2-141
lengte 14,10 meter 14,14 meter
hoogte 4,00 meter 4,00 meter
stahoogte (onder / boven) 181 / 168 cm 185 / 172 cm
zit- / sta- / rolstoelplaatsen 85 / 17 / 1 86 / – / 1
maximum toegelaten snelheid 80 km/uur 100 km/uur

 

6 reacties

  1. DuitseLeeuw
    14 september 2017 om 12:31

    Dus iemand van boven de 1,85m moet maar hopen dat ie kan zitten, anders kan ie geeneens mee.

    • Antoine BERBEN
      22 september 2017 om 20:31

      Dit vind ik weer echt zo’n Calimero-achtige opmerking die van niet vertrekt en weer bij niets eindigt. Totaal niet zinvol om zo’n opmerking te plaatsen.

  2. Henk Angenent
    21 september 2017 om 11:50

    In plaats van grotere bussen is het natuurlijk nog veel beter om die lijnen ten zuiden van Amsterdam nu eens om te zetten in sneltrams. Bij de aanleg van de tracés is hier al rekening mee gehouden.

    • Aland van Valkenburg
      4 oktober 2017 om 00:52

      Snelbussen omzetten in tramlijnen. Beslist het overdenken waard, maar wel zonde van het geld, al dat denken over iets wat je zo kan bedenken. Het zal betekenen dat alle daarvoor “in aanmerking komende verbindingen” gecombineerd worden in één tramtraject. Zoals altijd al het geval is geweest. De reizigers worden overal vandaan bij elkaar gesprokkeld om het project toch betaalbaar te maken. Voorbeelden genoeg van creatieve overheden. De NZlijn kreeg subsidie op basis van een opgepompte prognose van 200.000 reizigers en het worden er rond de 100.000. Tegelijk ontstaat er een enorme verschraling van OV omdat alles wat maar even gemist kan worden bij die tram wordt gebracht. Een nieuw project van de VRA kost over 30 jaar meer aan infra, materieel en andere hardware dan de exploitatiekosten. Hoe dat kan? De brede doeluitkering dekt de kosten niet meer, maar in het infrastructuurfonds kan nog steeds bijna ongelimiteerd gegraaid worden. De belastingbetaler betaalt, dus wat maakt het uit? Dat die belastingbetaler helemaal geen beter OV krijgt voor zijn geld. DAT maakt het uit.

  3. Anne-Marie
    1 november 2017 om 21:36

    Jammer dat er vanaf station HEEMSTEDE geen bus naar Amsterdam zuid gaat

  4. Aland van Valkenburg
    31 december 2017 om 03:14

    Heemstede – Amsterdam Zuid?
    340 naar Tempelierstraat, 346 (dubbeldekker) naar Amsterdam Zuid, zo moeilijk is dat niet

Lees ook